Feest, volksvermaken, de 4 V’s ofwel VVVV

Van vrije jaarmarkt, via kermis en volksfeest naar corso

Een belangrijk onderdeel van de gemeenschap en de cultuur in Vollenhove is het jaarlijkse bloemencorso, hoogtepunt van een feestweek die de belangrijkste activiteit vormt van de 4V’s. Hieronder een chronologisch overzicht over ontstaan, groei en huidige status van vereniging en volksfeest.

Over de oprichting van de Vollenhoofse Vereniging Voor Volksvermaken (afgekort de 4 V’s) en de activiteiten daarvan van de jaren voor de Tweede Wereldoorlog is niets anders meer overgebleven dan wat herinneringen van oudere Vollenhovenaren, die vroeger in het bestuur van de 4V’s hebben gezeten of familieleden hiervan. Archiefbescheiden zijn er totaal niet van 1905 tot 1948.

1905: Oprichting.

Op 10 november 1904 schreven enkele inwoners van Vollenhove een brief aan het gemeentebestuur. Zij verzochten daarin om de jaarlijkse kermis in de laatste week van oktober te vervroegen en het aantal feestdagen te beperken tot twee of drie. Volgens hen zou het verzetten van de kermis naar een vroeger tijdstip in het jaar een meer opgewekte en vrolijke stemming uitwerken.

Voor 1905 was er in Vollenhove-Stad jaarlijks in oktober altijd kermis, het laatst in 1904. Deze kermis was altijd een nogal rumoerige aangelegenheid en liep nogal eens uit de hand door drankmisbruik, vechtpartijen en ruzies waarbij het bepaald niet zachtzinnig toeging. Vroeger lustte men in Vollenhove een stevige borrel, boze tongen beweren dat jenever indertijd direct na de borstvoeding volgde. Hoe het ook zij: in brede lagen van de bevolking had men genoeg van de kermis, men besloot hiermee te stoppen. In plaats van de kermis moest een jaarlijks Volksfeest voor de hele bevolking van de grond komen. Initiatiefnemers waren o.a. Gerard Dikken, een erkend leider, een persoonlijkheid met gezag en organisatietalent. Deze Gerard Dikken is jarenlang de stuwende kracht geweest van de 4V's. Verder Piet IJspeert als vermoedelijk secretaris (Piet de Kleermaker) en Willem Dragt (de wagenmaker) als penningmeester.

Het verzoek van de briefschrijvers kwam niet onverwachts. Het draagvlak voor de kermis onder de bevolking was in de voorafgaande jaren zienderogen afgekalfd. Onmatig drankgebruik en festiviteiten die de zondagsrust verstoorden, hadden de Vollenhoofse gemeenschap in drie kampen uiteengedreven: burgers die de kermis vierden, gedoogden of verfoeiden. De briefschrijvers waren niet voor onmiddellijke afschaffing van de kermis, maar wilden de kermis op langere termijn omzetten in het houden van volksfeesten, waaraan de hele Vollenhoofse bevolking aan deelnam.
Om die omzetting gladjes te laten verlopen stelden zij voor de kermisfeestelijkheden rond de verjaardag van de toenmalige koningin Wilhelmina op 31 augustus te concentreren. Al vanaf 1889 was dit het algemene beleid van de overheid, door heel Nederland, omdat er op jaarmarkten vaak door dronkenschap vechtpartijen plaatsvonden en er zelfs doden vielen, zo werd 'Prinsessedag' ingesteld en werden op die dag militaire parades, muziek en optochten gehouden. Later werd het vanzelf 'Koninginnedag'.

 Het gemeentebestuur kwam tegemoet aan het verzoek en al het volgende jaar werd de kermis omgezet in een volksfeest.

De organisatie ervan werd in handen gelegd van een speciaal daarvoor opgerichte vereniging: de Vollenhoofse Vereniging Voor Volksvermaken, opgericht op 3 maart 1905. Om zich van brede steun van de bevolking te verzekeren, kregen alle hoofdstromingen of zuilen van de Vollenhoofse gemeenschap een plaats in het bestuur. Daar leerden de officieus vertegenwoordigde zuilen van elkaar om te geven en te nemen. Lange tijd waren dansgelegenheden uit den boze, op zondag werden geen festiviteiten gehouden, er werd slechts een beperkt tapverbod van sterke drank ingesteld en de vereniging werd niet omgezet in een Oranjevereniging.

Feest in de Kerkstraat te Vollenhove ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Koninkrijk, in 1913Voordat het gemeentebestuur een besluit nam over de verplaatsing wees een oplettend raadslid erop dat eerst moest worden nagegaan of de kermis ook een jaarmarkt was. Was dat namelijk het geval, dan moesten Gedeputeerde Staten toestemming geven. De burgemeester kon hem gelukkig meedelen dat hier geen sprake was van een jaarmarkt. De raad was dus volkomen vrij om in deze zaak een besluit te nemen. Maar de burgemeester was abuis: de kermis was wel degelijk een jaarmarkt en wel de voortzetting van de vrije oktober jaarmarkt, die sinds 1420 in de stad werd gehouden. Waarschijnlijk had de jarenlange kermisviering elke herinnering aan de middeleeuwse jaarmarkt uitgewist. Het valt dus nog te bezien of de verplaatsing van de kermis in 1905 wel rechtmatig is gebeurd en of Gedeputeerde Staten niet alsnog om toestemming gevraagd moet worden... Al met al blijkt dat het Vollenhoofse volksfeest teruggaat op een traditie van feestelijkheden van bijna 600 jaar!

De volksfeesten

De Vollenhoofse bevolking loopt nog steeds massaal warm voor het feest in de week voor de laatste zaterdag van augustus. Wat in de volksmond het ,,feest" wordt genoemd, wordt voornamelijk bepaald door wat jarenlang – en door sommigen nog - het “allegorisch” corso wordt genoemd. Inmiddels is het vooral een bloemencorso, maar met een heel eigen karakter. Dat wordt bepaald door de specifieke ingrediënten: de sfeervolle straten, topmuziekkorpsen en de vele figuranten die op en rond hun praalwagen straattheater maken. Het corso onderscheidt zich van menig ander bloemencorso ook door het feit dat elke deelnemende groep zijn eigen thema en uitwerking daarvan kiest.

Feest in de bisschopstraat te Vollenhove ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Koninkrijk, in 1913Al vanaf het begin van de vorige eeuw, zo blijkt uit diverse krantenartikelen, wist men in Vollenhove al goed hoe er feest gevierd moest worden.
Op 31 augustus was koningin Wilhelmina jarig. Dat betekende dat de vissers van Vollenhove op de laatste vrijdag van augustus weer in de haven moesten zijn: vrijdagavond en zaterdag was ‘het’ koninginnefeest. Dat werd steeds heel goed gevierd, dan moest je thuis zijn bij vrouw en kinderen. De straten waren versierd met vlaggetjes en erepoorten. Men flaneerde door de straten, van alle gezindten. Op veel plaatsen stonden kraampjes van kooplui met vis, snoep en klein speelgoed. Het was gezellig, omdat iedereen meedeed.

Op 31-8-1912 werden de kinderen van de beide Vollenhoofse lagere scholen en van bewaarschool Tabita uitgenodigd door baron Sloet om op De Oldenhof koninginnedag te vieren. De kleuters gingen met juffrouw Kars met paard en wagen, en dronken er volop (chocolade)melk en limonade. Uit dit bezoek is volgens Laurent Nering Bögel het huidige volksfeest ontstaan.

De optocht tijdens het volksfeest van 1921 in Vollenhove. Foto genomen in de Kerkstraat.Ook toen al organiseerde de Vollenhoofse Vereniging Voor Volksvermaak de festiviteiten. Zo lezen we in de krant van 3 september 1925, dat het feest op donderdag begon met een muzikale rondgang. Vollenhoofsch Fanfare, ook opgericht in 1905, droeg daar toen al zorg voor. ‘s Avonds trok er een lichtstoet door de straten. Na afloop daarvan vond erop het Kerkplein een concert van de fanfare plaats. Op de vrijdagmorgen was er een aubade vanaf de torentrans van de Kleine Kerk. Zaterdag om negen uur begonnen de schoolfeesten aan de Laan van Toutenburgh. Dat begon met de optocht, waar de drie scholen aan meededen. Voorop bewaarschool Tabita onder leiding van juffrouw Jansje Peereboom, met kinderen uit alle gezindten. Dan de openbare school, gevolgd door Vollenhoofsch Fanfare, en tot slot de School met de Bijbel. Als men de poort rond was (van de Kerkstraat  via de Bentstraat naar de Bisschopstraat, precies een kilometer) ging men via de Bentstraat naar de Laan van Toutenburg. De versierde bogen die je tijdens de optocht had gedragen werden tegen een boom gezet: die moest je ‘s middags weer gebruiken, bij de optocht die om twee uur begon.
Op de Laan van Toutenburg werden ‘s morgens spelletjes gedaan: touwtjespringen, zaklopen, koekhappen enzovoorts. Dit alles werd opgeluisterd door Vollenhoofsch Fanfare.
Voor de dorst kregen de kinderen heerlijke chocolademelk van de plaatselijke stoomzuivelfabriek ‘De Eendracht’ (later Coberco, en in 1999 verdwenen). Dat kwam in melkbussen per paard en wagen.

‘s Middags was er dan de ‘grote optocht’, die om twee uur begon. Versierde wagens, getrokken door paarden, reden door de straten. De stoet eindigde op de Laan van Toutenburg, waar in die tijd (op het brede stuk) een muziekkoepel stond.

Optocht tijdens het volksfeest 1921 in Vollenhove. De stoet komt hier vanaf het Kerkplein richting Bentstraat.In de weilanden van de Bentpolder werd meestal een stuk opgevoerd door amateurtoneelspelers. Dat gebeurde ook wel op ‘de leegte’, bij de buitenhaven, o.a. over het beleg en ontzet van Leiden.
In 1925 was dat het historische stuk ,,Slag op de Zuiderzee". In het stuk werd een gevecht uit 1573 uitgebeeld tussen de Spaanse vloot en de Geuzen. Daarna werden er “volksspelen” gehouden en was er een muzikaal intermezzo. Tot slot waren er de tableaus vivants.
Op 6 september 1938 vond het openluchtspel ‘Leidens ontzet’ plaats aan de buitenhaven. Een foto toont één van de schepen van de oranje-ontzetters, dat door de ‘Spanjaarden’ in brand is geschoten, de bemanning springt in het water en wordt later door hun medebevrijders opgevist. Ook de Venose marine meert af, na verjaging van de “Spaanse” vijand. Dit feest stond in het teken van het 40-jarig jubileum van Wilhelmina. Ook toen waren de straten, huizen en andere gebouwen feestelijk verlicht met o.a. kleine lampjes langs de kozijnen.
Een ander openluchtspel was ter herinnering van de bevrijding van keizer Napoleon, met op een versierde boot Lena van der Vecht, Harmpje, de dochter van Luit de Lange, en Jan Mosterdijk als prins van Oranje, geflankeerd door matrozen.

Vooroorlogse spelen als basis van het corso

Viering 100 jaar bestaan van het koninkrijk in 1913 met naspelen van de aankomst van Koning willem 1 op het strand van ScheveningenDe vooroorlogse feesten mochten er zijn, laten we daar niet te licht over denken! Men presteerde het dikwijls deze "Historische Spelen" te houden op een schaal en met klederdrachten en materiaal, wat we nu niet meer voor mogelijk houden en waar heel veel mensen direct actief bij betrokken waren. Soms werden deze gehouden met de Haven als middelpunt, soms ook aan de Laan van Toutenburg, al naar gelang het karakter van het stuk. Ook vroeger waren er optochten, die al met al de basis hebben gelegd voor het huidige Corso.

De school- of kinderfeesten aan de Laan van Toutenburg, de draverijen met boerenpaarden, de oude volksspelen als zaklopen, touwtrekken, ring- en kuipsteken, men wist sfeer te scheppen en iedereen nam actief deel. Ook de stoelendans zowel voor "gehuwde" dames als voor "ongehuwde" waren voorbeelden van actief volksvermaak.

De financiën waren immer een bron van zorg, bij slecht weer zat men in de boot en werden opgelopen tekorten maar weer "voorgeschoten" door bestuursleden.

Enkele dingen van "voor de oorlog": oud-bestuurslid W. de Lange beschikte over enkele foto's van 1919 / 1920, o.a. een foto van het bestuur met de commissarissen en een overzicht van een gedeelte van de Kerkstaat met de drukte van de deelnemers aan het historisch spel "de tocht naar Chattam" (aan de haven opgevoerd o.a. met Vollenhoofse schepen, die de ketting over de rivier de Theems kapot braken door er doorheen te varen).

Een bestuursfoto uit de periode 1927-1931 toont op de voorste rij Wolter de Lange, jonker Tonny Sloet van Oldruitenborgh, Hendrik Jongman, Jan Schuurman, Willem Dragt, Kees Schuring en op de achterste rij Anton Berndsen, Thijs Edelenbos, Jacob Mooiweer (Jaopik van Herman), Andries de Lange, Derk Smit, Piet Tukker en Klaas Boes.

Verder is er nog een filmpje van 1938 van het Vollenhoofse feest.

Voor de oorlog werden altijd de feesten op vrijdag gehouden, dan kwamen de vissers binnen, en tot besluit was er, zover de kas dit toeliet, altijd vuurwerk in de Benten.
Muziek van de toren 's morgens en herauten te paard door Vollenhove waren immer vaste punten in het feestprogramma, evenals een aubade van schoolkinderen bij de burgemeester. Soms werd ook het feest ingeluid met schieten van de toren met donderslagen uit mortieren.

‘s Avonds werd de optocht herhaald, alleen nu met fakkels ter verlichting van de wagens, en ook van Vollenhoofsch Fanfare. In 1951 zijn Libbe Brandsma en Laurent Nering Bögel begonnen met elektrische verlichting ter vervanging van de walmende fakkels, met 6 volts lampjes op een accu. Die waren altijd vrij snel leeg, zodat er te weinig konden worden gebruikt voor een mooi resultaat.
Tot slot was er op de Laan van Toutenburg in de weilanden een mooi vuurwerk, aldus Laurent Nering Bögel in zijn banden met aantekeningen en foto’s (in te zien in de bibliotheek van Vollenhove).

Feest in 1935Namen van bestuursleden van vroeger zonder jaartallen van zitting, echter wel uit de periode 1905-1940 zijn: Jan Schuurman (Jan de Kul) waarvan bekend dat hij meer dan 40 jaar bestuurslid is geweest, Wolter de Lange - 1 jaar voorzitter en 37 jaar penningmeester, Andries Heetebrij, ongeveer 20 jaar secretaris, Andr. Kruider, Karel de Vries ook ongeveer 20 jaar bestuurslid, de Zwarte van de Kleine (Jongman), Derk Smit, Ome Kees Schurink, Thijs Edelenbos, Anton Berndsen, Andries de Lange, Piet Tukker, Louwe Diender, Willem Weys, Piet Mondria (Piet de Looier), Willem Dragt, de postbode.

Baron Sloet van Oldruitenborgh, beter bekend als Jonker Tonny, is in de dertiger jaren nog voorzitter geweest. Als het feest was, liep jonker Tonny met zijn wandelstok voorop in de stoet en dat was het teken dat de feestelijkheden begonnen waren. Meester Harmsen was voorzitter van 1939 - 1951.
 

De naoorlogse periode

Van de bevrijdingsfeesten 1945 is niets bekend wat organisatie betreft, er werd spontaan feest gevierd door iedereen met muziek en hossen door de straten, blij als men was dat de bange oorlogsperiode voorbij was.

Vanaf 1948 is nog een notulenboek aanwezig, waaruit hier voor wat betreft 1948 het jubileumjaar 50 jaar koningin Wilhelmina en de kroning van koningin Juliana wat korte gegevens.
Bestuur was toen: meester Harmsen voorzitter, A.J. Heetebrij secretaris, W. de Lange penningmeester, bestuursleden Nettert Smit (vanaf 1946 tot in de jaren 1980 in het bestuur!), verder Garriet Kwakman (in bestuur van 1939 tot 1976), Js Ziel Wzn, J. S. Schuurman, K. de Vries, A. Kruider, J. Kwakman en L. Winter.
Er werd voorjaar 1948 overleg gepleegd met de Oranjevereniging St. Jansklooster op aandringen van Burgemeester en Wethouders van Vollenhove om een gezamenlijk feestprogramma op te zetten voor het Regeringsjubileum van H.M. Koningin Wilhelmina en de kroning van H.M. Koningin Juliana. Eerst werd gepoogd om een gezamenlijk feest te houden op de Oldenhof, maar later werd dit weer aan de kant gezet en vierden beide plaatsen toch maar afzonderlijk feest.

Het feestprogramma voor Stad-Vollenhove was voor die tijd vrij ambitieus: op 2 september 1948 om 7.00 uur ‘s morgens herauten te paard, om 8.00 uur muziek van de toren, waar dan Vollenhoofs Fanfare naar toe klom om boven op de omgang muziek ten gehore te brengen, om 9.00 uur aubade van schoolkinderen voor het Gemeentehuis met Wilhelmus. Daarna een rondrit met de kinderen over Ambt-Vollenhove en om 13.00 uur Kinderoptocht. Van 14-16 uur Kinderfeest met spelen, 19 uur muzikale rondgang, 20 uur stoelendans voor gehuwde dames, 21-23 uur openluchtbioscoop.
3 september 1948: 9 uur 's morgens opstelling en keuring van de optocht. 10-11 uur Allegorische / historische optocht, 13-14 uur Muzikale rondgang, 14-18 uur Variété, acrobatiek programma met na afloop Volksspelen, 21 uur ‘s avonds Verlichte optocht, 22.30 uur Vuurwerk.
De datum 6 september was de kroning van Koningin Juliana, waarbij ‘s avonds een concert werd gegeven door de beide zangkoren uit Vollenhove, Zanglust en Zeeklank en Vollenhoofs Fanfare, alles onder leiding van de heer Scholten. Na afloop een grote Lampionoptocht, waarvoor door het bestuur lampions ter beschikking waren gesteld.
Financieel was dit feest een debacle: er was voor het feest in kas f 871, na het feest was er een tekort van f 280,16, wat enkele jaren vergde om dit tekort weg te werken.

In 1951 kwam er een grote verandering in de samenstelling van het bestuur, het grootste deel trad af, het liep niet zo vlot meer en er waren kennelijk wat strubbelingen. Ik citeer een deel uit het jaarverslag 1950 van secretaris A.J. Heetebrij (op de ledenvergadering): “geachte aanwezigen, wilt U een V.V.V.V. behouden, zet dan met elkaar de schouders er onder en laat u niet door enige ophitsers het hoofd op hol brengen. De VVVV heeft bewezen sinds de oprichting in 1905 in der rij der Vollenhoofse Verenigingen mee te kunnen, zelfs meer dan dat, het was altijd een toonaangevende vereniging, laat dat zo blijven.”
En verder na het aankondigen van aftreden: “mochten er moeilijkheden komen in de toekomst, die onoverkomelijk lijken, doe dan een beroep op de oude garde en ik weet zeker dat ze stuk voor stuk het welzijn der vereniging voor ogen hebben.”
Op de algemene ledenvergadering van 19 april 1951 werden 6 nieuwe bestuursleden gekozen te weten H. Jongman Hz., Jb. Spit JHzn, E. van Heerde, R.G. Buimer, T. Ziel en W. Mossel. De stemming verliep nogal rumoerig daar er kennelijk krachten bezig waren de onderling gevarieerde bestuurssamenstelling uit alle lagen van de bevolking te verstoren, maar door de voorzitter werd hierop meerder malen gewezen. Later bleek dat H. Jongman zijn benoeming niet aanvaardde en werd W. Post in 1952 gekozen.
Op een bestuursvergadering van 24 april 1951 in Hotel Van de Veen werd het nieuwe bestuur door de oude voorzitter de heer Harmsen verwelkomd en werden de zaken overgedragen.
Voorzitter werd R.G. Buimer, secretaris E. van Heerde, penningmeester W. de Lange (was dit al met een saldo van f 2,17 in kas, later bleek dit f 3,31 nadelig te zijn), vice-voorzitter werd G. Kwakman, verdere bestuursleden de min of meer oudgedienden N. Smit, Js Ziel en L. Winter en de nieuwe Jb. Spit, T. Ziel en W. Mossel en een vacature.

Het verjongde bestuur slaagde erin de oude traditie voort te zetten en nieuwe elementen in te brengen, hoewel in het eerste jaar direct al wat moeilijkheden waren met het bestuur van SVV over de organisatie van de jaarlijkse autotocht voor bejaarden, wat altijd door het bestuur van de 4 V's werd georganiseerd, maar waar SVV zich in trachtte te werken. Na uitvoerige besprekingen werd de strijdbijl begraven en werd dubbele actie voorkomen. De 4 V's bleven deze tocht als algemene vereniging verzorgen, SVV trok zich terug. Het eerste feestjaar was een groot succes met een toentertijd gewaagd programma namelijk de motorkozakken van Harry Kroeze, een motorstuntteam, wat nogal wat kostte maar een gelukkige greep bleek ondanks de slechte weersomstandigheden. De optocht omvatte 20 wagens en groepen en de buurtversieringen waren prima, kortom de bevolking werkte volledig mee wat een fijne stimulans was voor het vernieuwde bestuur. Veel werkzaamheden die tot dusver door krachten van buitenaf werden gedaan en moesten worden betaald werden door het bestuur zelf gedaan om onkostenbesparingen mogelijk te maken. Dit is tot heden zo gebleven, maar betekent wel een extra last voor alle bestuursleden.

Even uit 1951 een paar uitgaven voor het kinderfeest:
besloten werd te bestellen: 180 liter chocolademelk, kosten f 65, bij 7 bakkers in Vollenhove elk 7 koeken, bij 7 kruideniers elk voor f 6 snoep, ijsjes voor alle kinderen totaal f 50 te leveren door de pachter van de ijsstand. Prijzen voor de stoelendans: rollade te leveren door L. de Lange, 2 metworsten van G. Heetebrij, 1 metworst van A.J. Heetebrij, taart van Doesburg, kleine taart van J. Post, een cake van Bron. De leveranciers werden bij loting vastgesteld.

Een sprongetje verder brengt ons naar 1954, het jaar van de viering Vollenhove 600 jaar stad. De groots opgezette volledige feestweek van 12 tot 17 juli 1954 met maandenlange voorbereidingen en veel nachtwerk voor de bestuursleden werd een fiasco door ongekend slechte weersomstandigheden. Regen bij bakken uit de hemel. Gelukkig kon het prachtige openluchtspel speciaal voor deze gelegenheid geschreven door Henk van Heerde uit Kampen (de schrijver van “Garriet Jan en Annechien”) getiteld "Rond Fulnaho en Toutenburgh" op dinsdagavond nog onder redelijke omstandigheden worden gehouden. Vanaf woensdag was het zo volledig mis, dat verschillende programmapunten moesten worden afgelast vooral op de hoofddag zaterdag 17 juli 1954. Het optreden van de Johan Willem Frisokapel viel in het water, de geplande eredivisievoetbalwedstrijd tussen NEC en Richtersbleek (Twente) werd afgelast. De grote historische optocht was een trieste vertoning door de voortdurende plensregen. Het vuurwerk wat een hoogtepunt tot slot had moeten zijn kon niet doorgaan en de herhaling van het openluchtspel op de zaterdagavond in het openluchttheater was een openluchtbad, waar niettemin de mensen zich gewoon lieten natregenen, zo viel het in de smaak.
De nasleep van het verongelukte feest was niet minder erg. Gelukkig kon gebruik gemaakt worden van een garantiefonds anders was de 4V's hieraan failliet gegaan.
Voor geïnteresseerden ligt nog een volledig programmaboekje (voorzichtig behandelen) ter inzage in het archief van de 4V’s.

De jaren die volgden werd door bestuur en leden van de 4 V's alles gedaan om elk jaar weer een feest van goed gehalte te brengen. Helaas waren de jaren 1955 en 1956 weer slechte jaren voor wat betreft het weer en kregen we met onze feesten in het openluchttheater telkens klappen in financiële zin. In 1957 had men eindelijk na drie jaar goed weer en het opgevoerde blijspel “Dr. Lexo” in het openluchttheater was een succes. Het heeft echter toch nog tot 1962 geduurd voor de 4V’s uit de rode cijfers kwamen.

De periode van groei: van optocht naar bloemencorso

In 1961 wordt een jury aangesteld en een wisselbeker aangekocht voor de winnaar van de optocht. In 1963 wordt de optocht dermate goed bezocht dat het bestuur overweegt het parcours te gaan afzetten en entree te gaan heffen. Verder is het voorstel om de wagens na afloop tentoon te stellen op een afgesloten terrein. De optocht wordt nu ingedeeld in bloemenwagens, niet-bloemenwagens, overige wagens en groepen.
In 1964 werd voor het eerst entree gevraagd voor de optocht met een opbrengst van f 300. De kwaliteit van de Vollenhoofse optochten begint dan in de omtrek steeds meer aandacht te trekken. Voor het eerst sinds jaren is er in 1964 eens weer vuurwerk afgestoken, wat bijzonder in de smaak viel.
Bestuurslid de Lange nam in 1965 afscheid na 38 jaar bestuurslidmaatschap waarvan één jaar als voorzitter en 37 jaar als penningmeester. Herman van de Veen volgde hem op.
In 1965 kon de zo mooi op gang gekomen entree-inning voor de optocht geen doorgang vinden wegens gebrek aan controleurs / vrijwilligers, een tegenvaller.
In 1966 was de aanschaf van een eigen geluidsinstallatie een stap voorwaarts in de goede organisatie ¬en begeleidingsmogelijkheden van het jaarlijkse feest. In 1966 werd ook afscheid genomen van het openluchttheater als feestplaats, de risico’s van het weer werden te groot. De Vlasschuur, een belangrijke plek voor het volksfeest vanaf 1967 en nu nog voor het corsoVanaf die tijd is de vlasschuur vele jaren het feestcentrum geweest en mede het begin van wat beter financiële omstandigheden doordat men de verkoop van consumpties in eigen had kon nemen.
In 1969 verschijnt voor het eerst bij de optocht een volledig programmaboekje, weer een stap voorwaarts. Tevens meerdere korpsen bij de begeleiding van de optocht, die steeds profes¬sioneler van opzet blijkt en steeds meer publiek trekt.
In 1970 is voor het eerst de optocht in een gesloten circuit door de binnenstad of “de Poort rond” in Vollenhoofse termen. Hiermee is een ideaal bereikt waar het bestuur jarenlang naar heeft gestreefd. Dit ideaal kon worden bereikt door vrijwillige medewerking van controleurs uit de leden en een goede afzetting van het circuit. Weer een beduidende stap in de richting van een volwaardig Corso. De entree bleef nog één gulden.
Na 20 jaar voorzitterschap moest in 1972 voorzitter Roel G. Buimer wegens ziekte afzien van het werk in de VVVV. Frans Kroeze volgt hem als voorzitter op. In 20 jaar is onder leiding van de heer Buimer een enorm stuk werk verzet binnen de VVVV. Met algemene stemmen werd de heer Buimer benoemd tot erevoorzitter.
In hetzelfde jaar vind uitbreiding van het aantal muziekkorpsen bij het Corso plaats tot 5 stuks. Betere verlichting werd gerealiseerd van de optochtroute m.m.v. de buurtverenigingen Kerkstraat, Bisschopstraat en Bentstraat.
1974 is het eerste jaar van afzetting met dranghekken, in verband met de grote belangstelling voor de optocht en het eerste jaar van de verzorging van de korpsen in Stadsdoelen door medewerking van bestuur Stadsdoelen en de beheerder Klaas Winter: weer een stap voorwaarts in de organisatie. Op de ledenvergadering wordt de suggestie geopperd bij vacatures vooral jongere bestuurskandidaten te vragen, anders vergrijst het bestuur.
Voor het eerst vindt in 1975 een afzonderlijk kleuterprogramma plaats in Stadsdoelen, een enorme verbetering voor de kleuters, daar nu een afgestemd kleuterprogramma kan worden gegeven.
Wegens grote belangstelling verhuist in 1975 het vuurwerk naar het sportterrein in plaats van bij Oldruitenborgh.

Afscheid van G. Kwakman na 37 jaar bestuurslidmaatschap, mei 1976. Hij werd benoemd tot erelid.Vuurwerk was ooit een vast element van het feest aan de Laan van Toutenburg in ‘De Benten’, voor de oorlog. Later was er geen geld meer voor, totdat het éénmalig, ter afsluiting van de 5 mei viering in 1970, weer werd geprobeerd. Vanaf dat jaar werd het weer een vast onderdeel, steeds op de vrijdagavond, op het “taptoeterrein” in Park Oldruitenborg. Zelfwerkzaamheid van het bestuur bij het afmonteren en opstellen en zelf aansteken (tot plm. 1985) maakte het vuurwerk weer betaalbaar. Eénmaal is het afgestoken in de stad, boven het na afloop van de optocht feestvierende publiek, in 1988. Vanaf dat jaar vond het vuurwerk op zaterdagavond plaats, op het nieuwe sportpark “De Benten”. Het vuurwerk was een door het Vollenhoofs publiek zeer gewaardeerde attractie tot 2003, toen er een einde aan kwam vanwege de aangescherpte overheidsregels na de vuurwerkramp in Enschede.

Voor het eerst in de geschiedenis van de VVVV krijgt ieder lid op de algemene ledenvergadering van 1976 een op schrift gestelde financiële verantwoording van de penningmeester. Bestuurslid Gerrit Kwakman neemt na 37 jaar trouwe dienst afscheid van het bestuur VVVV en wordt erelid met algemene stemmen. Op voorstel van T. Schuurman (Pats) wordt de Vollenhoofse Allegorische optocht herdoopt in 'Allegorisch Corso' en wordt besloten de reclame voor het Corso op te voeren bijvoorbeeld via stickers en TV reclame.
In 1977 wordt geconstateerd dat het Corso nog elk jaar beter van kwaliteit wordt, maar dat de buurtversiering door de buurtverenigingen op z'n retour is. Jaap Spit, 26 jaar bestuurslid van de VVVV, gaat het bestuur verlaten en wordt met algemene stemmen tot erelid benoemd.
Het bestuur van de VVVV bemiddelt in grondverwerving voor de bollenkwekers en neemt de pacht hiervoor voor haar rekening. Verder is er ingebruikname van een uitgebreide geluidsinstallatie langs het parcours van het Corso. Het Corso zelf heeft dit jaar een absoluut minimumaantal van 9 grote groepen, wat verontrustend is. Een minimum aantal van 10 wordt beslist noodzakelijk geacht wil men het Corso in stand houden zonder af te zakken. De kwaliteit staat boven elke twijfel. Besloten wordt jeugdgroepen te stimuleren via een aandeel in de startkosten.
In 1978 is er gelukkig weer een Corso met 10 wagens. Geconstateerd wordt dat het zeer moeilijk is jongere bestuurskandidaten te krijgen in bestuursvacatures. Vollenhove let op uw zaak, VVVV moet blijven!
1979 was een mooi feest met een prachtig corso, gelukkig weer 10 deelnemers. De eerste voorbereidingen starten voor de viering van 75 jaar VVVV. Het bestuur besluit om van de gervormde reserve ca f 10000,- extra te besteden voor de jubileumviering. Ook is er al 75 jaar medewerking van Vollenhoofs Fanfare.
In 1980 wordt het parcours uitgebreid met de Gasthuissstraat, een stukje Aan Zee en dan langs Seidel en het Kerkplein naar de Bentstraat. Het aantal rondgangen wordt echter teruggebracht van drie naar twee omdat de vele krappe bochten voor de steeds maar groter worden praalwagens veel tijd kostten.

Het bestuur van de VVVV in 1980, toen de vereniging 75 jaar bestond.In het jubileumjaar 1980 was het bestuur als volgt samengesteld:
voorzitter F.J. Kroeze, bestuurslid sinds 1953,
secretaris E. van Heerde, bestuurslid sinds 1951,
penningmeester H. van de Veen, bestuurslid sinds 1963,
vice voorzitter H.J. Dokter, bestuurslid sinds 1976,
N. Smit, bestuurslid sinds 1946, H. Toeter sinds 1961, H. Regeling sinds 1970, W. Raggers sinds 1972, P. Santbergen sinds 1977, A. Pheyffer sinds 1978, G. Winter 1978.

Buiten organisatie van het jaarlijkse feest heeft de VVVV in de loop der jaren diverse activiteiten ontwikkeld, die soms van zeer tijdelijke aard waren, soms wat langer standhielden naar gelang van de behoefte die er aan bestond.
We noemen de autotochten voor bejaarden, die tot 1965 een jaarlijks evenement waren. Toen wilde de bejaardenorganisatie dit zelf verzorgen en heeft de 4V’s zich teruggetrokken. De feestavonden voor bejaarden heeft men nog gehad tot en met 1968 maar zijn om dezelfde reden beëindigd.

Diverse wielerwedstrijden zijn in het verleden georganiseerd door de VVVV, maar teruglopende belangstelling hiervoor deed het bestuur besluiten hiermede te stoppen, mede gezien de tekorten die dit telkens meebracht. Jeugdvakantieacties zijn er een aantal jaren geweest, ook gestopt wegens gebrek aan deelname, evenals viswedstrijden.
De jaarlijkse avond met de wagenbouwers met dia's en film zijn gelukkig nog steeds goed bezocht, terwijl een jaarlijkse bingoavond ook nog steeds doorgang heeft kunnen vinden.

Van de oprichting af is de 4V's een vereniging geweest met een strikt algemeen karakter zonder hokjesgeest. Men ging er gewoon van uit, dat de gehele Vollenhoofse bevolking aan de feestelijkheden mee moest kunnen doen, men hield rekening met ieders overtuiging en levensbeschouwing en men slaagde er steeds in een bestuur samen te stellen uit alle lagen van de bevolking met vertegenwoordiging van buitenkerkelijken, hervormd, gereformeerd en Rooms-katholiek en had de vaste wil om bij elkaar te blijven met respect voor elkaars gevoeligheden en kerkelijke disciplines. Dat moet vooral vroeger een hele opgave zijn geweest, maar men slaagde! Tot de dag van heden is deze goede geest van saamhorigheid en respect binnen de 4V's bewaard gebleven, wel kraken, nooit barsten.
Aan deze kostbare eigenschap, overgedragen van verleden tot heden, heeft de 4V's een zekere vorm van gezag binnen de Vollenhoofse gemeenschap verworven.

Jaarlijks kan iedereen constateren, dat de 4V's ondanks de hoge leeftijd nog steeds springlevend is gebleven en in een behoefte voorziet, een goede traditie voortzet en dus moet blijven. Dit laatste kan alleen wanneer Vollenhove van jong tot oud bereid is de schouders er onder te zetten. Een jubileum als thans is een goede ge¬legenheid daar nog eens nadrukkelijk op te wijzen, waarvan acte.

(Bron: tekst van de lezing van secretaris E. van Heerde ter gelegenheid van het 25 jaar bestaan van de Vollenhoofse Vereniging Voor Volksvermaken ( V.V.V.V.) tijdens de receptie in 'Stadsdoelen" te Vollenhove op zaterdag 19 april 1980).

De periode 1980 - 2005: stabilisatie en professionalisering

Enkele jaren na het jubileum in 1980 overleed voorzitter Frans Kroeze na een ernstige ziekte. Hij werd opgevolgd door vice-voorzitter Jan Dokter.
In het midden van de jaren tachtig kraakte het erg in het bestuur, met het verschil ten opzichte van bijvoorbeeld de crisis in 1951 dat nu ook de pers werd opgezocht. Een commissie uit de leden moest rust brengen.
De scheidende secretaris Egbert van Heerde wordt toegesproken door erevoorzitter Buimer, met wie hij vanaf 1951 in het bestuur zatIn 1987 werd Jan Konter voorzitter. Secretaris Egbert van Heerde verliet in 1987 na 36 jaar het bestuur, zijn functie als secretaris werd opgevolgd door Jan de Vor. Op het feest werd hij tijdens de taptoe o.a. toegesproken door burgemeester Tuik en maakte hij een ereronde in een open koets. Hij werd erelid, kreeg mede voor zijn verdiensten voor de 4 V’s in 1988 de eremedaille in goud van de Orde van Oranje-Nassau en overleed in 1993. Eén van zijn laatste verdiensten voor de vereniging, die tot dan alleen ‘informeel’ bestond, was het notarieel vast leggen van officiële statuten (10-7-1986) en inschrijving als formele vereniging bij de Kamer van Koophandel. Reden hiervoor was de grote druk van de Belastingdienst, die een graan wilde meepikken van de inkomsten. Bij een vereniging kan men niet zomaar de contributie belasten!
Het was ook het jaar waarin een dahliakoningin werd gekozen, een actie bedacht door een nieuw ingestelde PR-commissie. Deze commissie werd tot 2004 geleid door corsoliefhebber Cor van Dalen, tevens journalist en dus professioneel betrokken.

Ooit had men de horeca-exploitatie in eigen handen, samen met de plaatselijke horeca. Artiesten (in de jaren 1960 doorgaans een varietéprogramma, in 1964 of 1965 zelfs met ‘bandparodist’ André van Duin). Midden jaren 1980 bleek de wetgeving, o.a. met belastingen en heffingen, zodanig te zijn gewijzigd dat exploitatie moest worden uitbesteed. Dat werd in 1987 gedaan aan de plaatselijke ondernemer Knoefman. Het werd ‘stilzwijgend’ overgenomen (want eerst onderuitbesteed) aan Busscher uit Nijeveen – overigens met veel Vollenhoofse inbreng. Vanaf 1997 is Van Kammen uit Oosterend de exploitant. Mede door instanties als Buma/Stemra, de zeer strikte regelgeving qua veiligheid en de torenhoge bedragen die artiesten vragen kunnen alleen de grotere specialisten nog zo’n feestweek dragen.

Tot 1988 was de donderdagavond van de feestweek de start met rondgang etc., plus spelletjesavond (‘gezinsspelavond’,) en dan vrijdagavond een puzzeltocht gevolgd door iets met muziek. Op woensdagavond was er dan ‘Normaal’. De eerste uitbreiding was die met de soundmix / playbackshow op woensdag, na ’s middags de kindermiddag i.p.v. zaterdagmorgen. ‘Normaal’ ging toen naar dinsdag, later werd het de grote avond voor de feestwagenbouwers. Inmiddels is die avond sinds 2003 verplaatst naar de zaterdagavond, een week vóór het corso.

Omdat hij voor zijn werk naar het buitenland moest werd Jan Konter al in 1989 opgevolgd door Guus Haandrikman, hoofd van de Openbare School – kennelijk hofleverancier van voorzitters (Harmsen, Kroeze).
Ergens in deze tijd werd de Vlasschuur als vast feestcentrum sinds 1966 ingeruild voor een feest”tent”, die op het oude voetbalveld, de Bagijnenkamp, werd geplaatst. Hierin vond dan op dinsdagavond een optreden van de Achterhoekse popgroep Normaal plaats, woensdagmiddag een optreden voor de kinderen, ’s avonds de verkiezing van de dahliakoningin, donderdagavond enkele regionale artiesten en vrijdagavond een spelletjesavond, het was dan ook het vaste vertrekpunt van de puzzelwandeltocht die al jaren een vast onderdeel van het feest uitmaakte (ik kan me nog vaag herinneren dat die ooit startte vanuit het Nutsgebouw aan de Bentstraat). In de feesttent kwamen de kinderen na afloop van de kinderoptocht een glas ranja halen en kregen een zakje snoep mee naar huis. Het kinderfeest dat vroeger in het openluchttheater en later in de Vlasschuur aansluitend plaatsvond, was na klachten van moeders die te weinig tijd overhielden voor afschminken en eten (tot de middagoptocht) verplaatst naar de (vrije) woensdagmiddag.

Het logo, dat onder andere in de vorm van stickers werd verspreidIn 1990 werd Jos Mooijweer secretaris en bleef dat tot 1995. Hij legde de basis voor een vergaande professionalisering van de organisatie van het corso middels een uitgebreid draaiboek, waar in naast alle voorbereidingen van dag tot dag, het hele jaar door, de feestweek – want inmiddels begon het feest al op dinsdagavond! – zelfs van uur tot uur. Middels dit draaiboek werden ook de autoriteiten tevredengesteld: er kwam een steeds grotere regelgeving van gemeente, politie en brandweer. Met name de nieuwe burgemeester, Netty van de Nieuwboer, had veel noten op haar zang. Zij zag in het corso ook mogelijkheden voor haar eigen promotie. Het was in die jaren erg lastig om nog zo soepel met de gemeente (Brederwiede) samen te werken als destijds met de Gemeente Vollenhove waar de gemeenteambtenaren ook gewone Venosen waren die uiteraard veel voor hun feest over hadden.

In 1994 werd Guus Haandrikman als voorzitter opgevolgd door Henk van Heerde.
Tijdens diens twee perioden van drie jaar werden de taken zodanig over commisies verdeeld dat er door groepjes bestuursleden zonder te veel te vergaderen taken konden worden uitgevoerd. Dat was nodig omdat de organisatie steeds meer tijd ging kosten, activiteiten voor het volgend jaar eigenlijk direct al na het feest startten. De organisatie werd professioneler doordat ook meer beleidsmatig werd gewerkt. Het uitte zich o.a. in een officiële aanbesteding van de verpachting van de feesttent, inclusief alle bijkomende zaken. Het bleek dat het voor plaatselijke horeca-ondernemers niet meer mogelijk was om aan alle randvoorwaarden te voldoen (waaronder een kwalitatief hoogwaardig pakket artiesten).
Het betrekken van andere organisaties was zeer prijzenswaardig maar er kwam niet veel van terecht: ieder had zijn eigen besognes. Zo werden de muziekcommissie en de PR-commissie tenslotte uitsluitend met eigen mensen bemand. Het werd steeds moeilijker om vrijwilligers te werven: er waren er tenslotte voor de spelletjesavond, bij de controleposten en de parkeergelegenheden totaal zo’n 120 nodig.

Ook in 1994 moest de feesttent verkassen van de Bagijnenkamp, waar Nieuw-Clarenberg werd gebouwd, naar een nieuw aan te leggen evenemententerrein dat achter het – eveneens nieuwe – multifunctionele centrum “De Burght” was gepland. De Stadsdoelen was niet meer beschikbaar, de plaats waar vele jaren de muzikanten werden opgevangen (daarvoor in het St. Gerardusgebouw, maar dat werd al te klein toen er 4 korpsen van buiten kwamen!). Zo werd “De Burght” het centrum voor muziek en voor de jury, en tevens een aantal jaren het startpunt van de kinderoptocht. De grote parkeerplaats was erg aanlokkelijk voor de wagenbouwers voor het opstellen van hun praalwagens na afloop van het corso, lekker makkelijk en dichtbij voor het traditionele afsluitende wagenbouwersfeest op zondagmiddag (overigens buiten verantwoordelijkheid van de 4 V’s, die geen activiteiten op zondag hebben). Bovendien deed de gemeente steeds moeilijker over het gebruik van de grasvelden in Park Oldruitenborgh.

Een praalwagen voor het corso in aanbouw. De groep Nameless aan het werk.De wagenbouwgroepen werden steeds meer gebonden aan reglementen en voorschriften. Een groot deel daarvan kwam voort uit zelfregulering: de nauwe straten van Vollenhove maakten maximale afmetingen van de agens noodzakelijk voor een goede doorstroming, later kwam daar de steeds belangrijker worden techniek van de zelfrijdende wagens bij en tenslotte werd ook de logistiek cruciaal voor een soepel lopend corso (aan- en afrijden, sleepwagens maar ook het aanleveren van teksten voor het programmaboekje). Inmiddels telt het reglement – eigenlijk een draaiboek – vele pagina’s. Daarnaast is er één voor de jurering: de wedstrijd gaat niet alleen om punten maar ook om heel veel geld.
Op de woensdagavond van het feest krijgt de verkiezing van de Dahliakoningin een prominentere plaats en wordt ingericht als een soort spelshow. Het werd de laatste jaren steeds moeilijker om kandidates te vinden vanwege de houding van het publiek. Daar kwam nu zodanig succesvol verandering in dat meisjes er weer trots op werden mee te mogen doen en de uiteindelijk gekozen dahliakoningin ook weer werd bewonderd.

In 1995 werd het 90-jarig bestaan van de VVVV gevierd met een tentoonstelling, een etalagewedstrijd door heel Vollenhove en met een receptie voor collega-corsobesturen. Deze laatste activiteit resulteerde in een nauwer contact en ook kennisdeling, al bleek het na enkele jaren te moeilijk om een soort overkoepelend regulier samenwerkingsverband op te richten. Met de Chr. Oranjevereniging in St. Jansklooster bestond er al een overleg, dat uitgroeide tot een collegiaal samenwerkingsverband. Jos Mooiweer, initiator en organisator van de tentoonstelling waarin met name het corso middels oude foto’s en zoveel mogelijk uitslagen van alle jaren in beeld werd gebracht, trad af als secratris en werd opgevolgd door Jan Klappe. Die woonde weliswaar in Blokzijl maar kan toch als rasechte Venose worden beschouwd.
Banner boven de homepage van het corso in 1995

Vanaf 1995 werd ook via een eigen website reclame gemaakt voor het corso. Daarnaast werd ook aandacht besteed aan de overige activiteiten van de vereniging, een beleid dat vanaf 1994 heel duidelijk werd ingezet. Het corso is weliswaar het hoogtepunt van de feestweek maar zeker niet de enige vorm van ‘volksvermaken’. De website werd in eigen beheer gebouwd en onderhouden tot 1999 toen dat professioneel en gesponsord werd doorgezet door het plaatselijke ICT-bedrijf VENOS Office Shop (zie www.corsovollenhove.nl).

Mede doordat een winstdelingsregeling voor de wagenbouwers werd ingesteld liep het aantal praalwagens omhoog tot uiteindelijk wel15. Ook het aantal toeschouwers werd zo hoog dat het parcours moest worden vergroot om iedereen een plaatsje te geven. Dat gebeurde in 1998. De praalwagens bleven gewoon vertrekken vanaf het opstelterrein bij Van de Graaf maar kwamen dan direct op het parcours, gingen via de Voorpoort niet zoals gebruikelijk de Kerkstraat in maar via de Bisschopstraat en de Bentstraat en verlieten de Kerkstraat bij het “Hollandse Plein” om via de Doelenstraat en de Weg van Rollecate terug te keren. Verder werd er veel aandacht besteed aan parkeergelegenheid voor bezoekers, o.a. door het aanbrengen van bewegwijzering.

Nadat Henk van Heerde afgetreden was als voorzitter in 2000 werd de functie van corsoleider ingesteld, welke hij tweemaal vervulde. De functie werd overgenomen door Jan Konter, en in 2008 door Eric Regeling. Een corsoleider, belast met het goed verloop van het corso, betekende een ontlasting voor de voorzitter die van oudsher de algehele coördinatie heeft. Dat betekent op de drukke corsodag ook zorg voor de stromen toeschouwers naar en van het parcours, de kaartverkoop en afhandeling, parkeerperikelen, zorg voor muziekkorpsen en ‘public relations’.
Vanaf 2000 is Frank Jansen voorzitter. Er wordt een sponsorcontract gesloten zodat het maken van televisieopnamen door RTV Oost betaald kan worden. De reportage werd tot en met 2006 de dag na het corso, op zondag, diverse malen uitgezonden en trok veel kijkers. Een oud plan, het bieden van zitplaatsen voor bezoekers van buitenaf middels tribunes, wordt weer uit de kast getrokken en blijkt nu wel succesvol (kostendekkend). In 2006 werd Henk Veldkamp, oud-brandweercommandant, de voorzitter.

Het 100-jarig bestaan van de VVVV in 2005 werd o.a. gevierd middels een reeks activiteiten voor de Vollenhovenaren onder de naam “De Rode Draad”.
Daarmee wilde de vereniging bewijzen nog steeds inhoud te geven aan de naam die er destijds aan gegeven werd: de Vollenhoofse Vereniging Voor Volksvermaken.

Dat uit zich overigens nog steeds in de jaarlijkse overige activiteiten van de vereniging.
Het Pinksterrijden is daarbij een verhaal apart. Het is een oud volksgebruik, in Nederland verder alleen (nog) bekend op Schiermonnikoog. Het is eigenlijk een soort vruchtbaarheidsrite. Veel ouderen herinneren het zich als een jaarlijk uitje van jongeren in de leeftijd 18-25 jaar, die er op boerenkarren op Tweede Pinksterdag op uit trokken, soms naar naburige dorpen. Wicher Post fungeerde jaren als ‘trekker’ om zo’n ‘ommegang’ te organiseren, hier met kinderen op boerenwagens en altijd een vaste route over ‘het land Veno’. Dit particulier initiatief werd op zeker moment vanwege de dreiging tot uitsterven overgenomen door de 4V’s. Inmiddels voorziet het al weer jaren in een behoefte: er doen steeds zo’n 250 kinderen aan mee waaronder die van campinggasten.
De jaarlijkse kermis, ooit verguisd, werd op zeker moment ook door de VVVV geadopteerd. Secretaris E van Heerde had heel goede contacten met de kermisfamilie Meijer uit Apeldoorn, een geslacht van kermisexploitanten waarvan de nazaten elk jaar weer neerstreken in Vollenhove in goed overleg met de 4V’s die dit met de gemeente regelden. Rond 2000 is dit ‘verdwenen’ uit het 4V’s pakket, mede door toedoen van de gemeente als vergunningverlener, die voortdurend problemen had met de locatie: ooit was dat de haven, later werd het de Bentstraat – naast Oldruitenborg, toen het evenemententerrein. De kermis wilde liever naar “De Burght” maar dat was onbereikbaar want particulier terrein. De rol van de VVVV was naast het regelen van vergunning en afspraken vooral het organiseren van diverse spelactiviteiten en het maken van reclame om de bezoekers naar de kermis te lokken en zo een volwaardig pakket aan attracties naar Vollenhove te kunnen krijgen.
Bij de activiteiten hoorde ook een vrijmarkt (rommelmarkt), die inmiddels een eigen plek op de kalender heeft gekregen.

Het bestuur

Het bestuur van de 4V’s bestaat uit 11 vrijwilligers, waarvan een voorzitter, een vice-voorzitter, een penningmeester en een secretaris. Ze worden steeds voor drie jaar gekozen maar kunnen daarna doorgaans herkozen worden in de algemene ledenvergadering die meestal eind januari plaatsvindt, tegenwoordig in “De Burght”.

Vergaderlokatie 4V’s

In de 50-jaren, tot plm. 1963, was het de vaste thuisbasis van o.a. het bestuur van de VVVV (waarschijnlijk doordat Herman van der Veen toen penningmeester). De bestuurskamer lag aan de rechterkant van de gang (gezien vanaf de voordeur), links was het café.
De vlasschuur kwam rond 1964 beschikbaar voor de 4V’s, en werd vooral voor opslag gebruikt. Onbekend is of het ook als vergaderlocatie heeft gediend. Na het beschikbaar komen van Stadsdoelen werd hier regelmatig vergaderd, later ook bij toerbeurt in de diverse andere horecagelegenheden om scheve gezichten te voorkomen. Het werd zo wel lastig om over belangrijke zaken van gedachte te wisselen zonder vreemde oren. Na de bouw van De Burght in 1994 en het oplopen van de vergaderkosten, steeds meer overleg met andere partijen etc. werd als vaste vergaderlocatie De Pereboom betrokken, het honk van de padvinderij. In 2005 verkast het bestuur naar het gebouw van de tennisvereniging.
Sinds 1995 heeft het bestuur voor gebruik in de feestweek een mobiele uitvalsbasis in de vorm van een bouwkeet cq bouwcontainer.

Herkenning bestuursleden

Ooit was een bestuurslid herkenbaar aan een gedragen cocarde in rood-wit-blauw met lint, later aan een VVVV-speldje en tot voor kort aan de ‘rode jasjes’ – aanvankelijk met speld, nu met VVVV er op geborduurd. Sinds 2006 zijn de jasjes stemmig donkerblauw

Ledenkaarten

Met ledenkaarten gaat men als service nog steeds langs de deuren, de laatste kaarten zijn op enkele verkoopadressen bij bestuursleden af te halen. Vanaf plm. 1995 vindt ook (weer): voorverkoop plaats, in de Pereboom (nu in De Burght) en ook in St. Jansklooster. Er zijn nu zo’n 5600 leden, waarvan 900 kinderen

Ereleden

Enkele bestuursleden die gedurende zeer lange tijd achtereen deel van het bestuur uitmaakten, werden op de eerstvolgende algemene ledenvergadering benoemd tot erelid. Zo was Roel Buimer erevoorzitter, ereleden waren Egbert van Heerde, Gerrit Kwakman, Jaap Spit en Nettert Smit. Op dit moment kent de VVVV nog twee ereleden: Herman Toeter en Wicher Raggers.

Collegaverenigingen

Wie dacht dat de Vollenhoofse de enige Vereniging Voor Volksvermaken is, heeft het goed mis. Er zijn nog veel andere verenigingen en stichtingen voor volksvermaken in Nederland zoals bijvoorbeeld die in Roden die ook elk jaar een corso organiseert als onderdeel van de feesten rond de Roder Markt, de jaarmarkt.
Om precies te zijn waren er in september 2004 totaal 64 verenigingen en stichtingen voor Volksvermaken in heel Nederland. Op de VVVV en een collega in West-Beemster na zijn ze allemaal gevestigd in Drenthe, Friesland en Groningen.

www.henkvanheerde.nl/vollenhove