Benthuis

ligging van de havezate Benthuis ten opzichte van de Bentpoort, op de kaart van Blaeu uit 1649. De weg van boven naar beneden is de Bentstraat. Benthuis staat linksboven de kruising.Ten westen van de tuinen van Marxveld en Oldruitenborgh loopt de Bentstraat. Op het eind daarvan bevindt zich de Bentpolder. Halverwege was de Bentpoort, waar de havezate Westerholt aan vast gebouwd was. 

De havezate Benthuis heeft gelegen op de hoek Bentstraat - Groenestraat. Op de fundamenten van de in 1840 gesloopte havezate werd in 1857 opnieuw gebouwd.

Op Benthuis overleed op 24 april 1653 Geertruid de Vos van Steenwijk, weduwe van Gerhard van Woldenburgh, kapitein en commandant te Rees.

Van deze havezate werd in 1671 verschreven Arent Conraedt van der Lawick, zoon van Arent tot Benthuis en Hendrina van Woldenburgh. Zijn erfgenamen verkochten Benthuis op 7 december 1717 voor schuld. 

In 1720 werd Willem Frederik Blankvoort van Benthuis verschreven. De voogden van zijn zoon Jan Gerrit verkochten Benthuis op 27 februari 1747. Het ging om huis en hof en het recht van verschrijving in de Ridderschap. 
Koper was Balthasar van den Clooster, die er in 't zelfde jaar van verschreven werd. Hij was gehuwd maar overleed kinderloos.
Jonkheer Jan Gerrit Blankvoort, gehuwd met Johanna Baronesse van Haersolte, kocht het op 17 maart 1755 weer van hem terug en werd er in dat jaar van verschreven. 

Op 8 mei 1775 verklaren zijn erven verkocht te hebben aan A. H. A. C. Baron Van Haersolte tot Staveren "het adellijk huis en havezate Benthuis, gelegen binnen deze stad op de hoek van de Groene- en Bentstraat met de daarachter gelegen hof en met het recht van verschrijving in de Ridderschap dezer provincie, bezwaard met twee vuursteden en een jaarlijkse uitgang van 10 stuivers ten voordele van de stad en een gelijk bedrag ten voordele van de wezen van Vollenhove, na verkregen goedkeuring van Ridderschap en Steden volgens hun besluit van 12 april 1775". Het stadsbestuur was enigszins ontstemd, dat deze onderhandse verkoop zonder hun voorkennis was geschied.

Carel Willem Baron van Haersolte, heer van Staveren, verkocht de havezate op 20 juni 1791 aan de kapitein Jacob Carel Frederik Baron Van Heerdt en echtgenote Helena Louise van Braam. Deze huwde voor de tweede maal in 1810, nu met A. J. Baronesse Sloet tot Lindenhorst. Hij werd van Benthuis verschreven in 1792.
In de Franse tijd vroeg de burgeres Van Heerdt tot Benthuis aan de Municipaliteit om een kind uit het Weeshuis als noodhulpje te mogen hebben. In de vergadering van de Municipaliteit van 7 december 1796 werd haar verzoek niet ingewilligd. De representant L. Seidel was het hiermede niet eens. Hij vond, dat de kinderen uit het Weeshuis de burgerij behulpzaam moesten zijn.
Aan J. C. F. Baron van Heerdt tot Benthuis en een ander werd door de waarnemende gouverneur van Overijssel op 5 december 1813 verzocht om naar Den Haag te gaan, zich te vervoegen bij de heer Prins van Oranje en de gelukwensen van de ingezetenen van dit gewest over te brengen over diens behouden aankomst in het vaderland. 

Kapitein van Heerdt verkocht Benthuis op 19 augustus 1809 aan J. van Son en echtgenote. Bij de beoordeling van de stadsrekening 17 juni 1811 merkte de Municipale Raad op, dat de brigade gendarmes alhier gelegerd, "is gelogeerd" in een huis, toebehorend aan de heer van Son te Amsterdam, maar dat de huur nog niet geregeld was.
Op 2 september 1811 werd door Jan Karel van Son te Amsterdam het huis, van ouds genaamd het Benthuis, verkocht aan Anthony Baron Sloet tot Oldruitenborgh. Het gaat dan deel uitmaken van het landgoed Oldruitenborgh, dat Sloet samenstelt uit aankopen van diverse aanpalende eigenaren. In de verkoopcondities wordt vermeld, dat dit huis is gevorderd door de prefect voor de Gendarmes.

In 1840 was Benthuis al gedeeltelijk gesloopt. Er was echter nog een huis met wat grond aanwezig, dat tot Oldruitenborgh behoort. Dat huis diende tot woning van de "bloemist" van Oldruitenborgh.

In de gevel van de woning, die nu op de hoek Bentstraat -Groenestraat staat, is een steen met het opschrift: De eerste steen gelegd / door A. Baron Sloet / van Oldruitenborgh / 18 28/5 57 (28 mei 1857). Deze woning was eigendom van de gemeente. De woning is in 1999 uitvoerig opgeknapt om te dienen tot woning voor de laatste burgemeester van de Gemeente Brederwiede, ir. P. Loos. Hij heeft er maar kort gewoond.

Inmiddels is het een gastenverblijf, voor kleine groepen, van hotel en conferentieoord Oldruitenborg.

www.henkvanheerde.nl/vollenhove